Familie Mary Servaes overweegt aangifte PDF Afdrukken E-mailadres
zzn De beerput in de zaak rond het overlijden van Mary Servaes gaat langzaam open. De lievelingsneef en -nicht van de zangeres willen politieaangifte doen.
De boekhouder die de ondertoezichtstelling van de Zangeres zonder Naam regelde, blijkt haar twee meest betrokken familieleden te hebben genegeerd. De kantonrechter benoemde de boekhouder tot bewindvoerder op advies van onder andere een onwetende neef die haar al minimaal acht jaar niet meer had gezien.

Neef Willem en nicht Betty willen, na de beantwoording van zelfs Kamervragen over de kwestie, aangifte doen bij de politie om de feiten goed op tafel te krijgen. De schrijver van het boek Sterven zonder Naam, Ben Holthuis, onthult dat zij niet eens op de hoogte waren van de ondertoezichtstelling. „Sterker, de wel geraadpleegde andere neef dacht dat hij zijn handtekening zette om executeur-testamentair te worden.”

Biografie

De goede vriend van Mary, Ben Holthuis, heeft zijn onderzoek na het uitkomen van zijn boek voortgezet. Hij werkt nu aan een biografie van de zangeres en daar zullen nog meer feiten, gedocumenteerd, worden afgedrukt: „Wat ik allemaal aan het ontdekken ben is tenhemelschreiend. De familie, en dan praat ik over nicht Betty en neef Willem, wist bijvoorbeeld helemaal niet dat Mary de regie over haar leven kwijt was. Terwijl zij regelmatig op bezoek kwamen en vaak ook huishoudster Ida in het verzorgingstehuis ontmoetten. Dat de boekhouder het bewind over Mary’s geld had en dat de huishoudster haar mentor was geworden, heb ik toevallig gevonden in de medische dossiers, die vrijkwamen nadat de zangeres was overleden.”

Hij vertelt: „Boekhouder Jos had voor de ondertoezichtstelling namelijk twee heel andere familieleden benaderd: de broer van de zangeres, die in een verzorgingstehuis zat en haar al dertien jaar niet meer had gezien, en een andere neef, die zijn tante al acht jaar niet meer had gesproken of bezocht.”

Ben vervolgt: „Het verhaal van de laatste is verbijsterend. Hij kreeg op een avond in zijn huis in Meersen bezoek van een deftig uitziende man, van wie hij dacht dat het een notaris uit Maastricht was. Boekhouder Jos kwam daar een handtekening halen en maakte blijkbaar niet voldoende duidelijk waar het om ging of wie hij was. De neef vertelt dat hij heel aardig overkwam en kennelijk het beste voorhad met zijn tante. Hij dacht dat hem werd gevraagd om een handtekening, om te regelen dat hij het testament van Mary later zou uitvoeren. In feite tekende hij een verzoek aan de kantonrechter waarmee de boekhouder de zeggenschap kreeg over de financiën van de zangeres.”

Mary had van haar kapitaal trouwens echt gemakkelijk in haar bungalow in Stramproy verzorgd kunnen worden. Ben: „Ze had al huishoudster Ida en twee gezelschapsdames in dienst voor overdag. En de wijkverpleging kwam haar elke dag douchen en aankleden. Mary was panisch voor verzorgingstehuizen dus ze had haar hele leven gespaard om te zorgen dat ze tot haar laatste snik in haar eigen huis kon blijven. Er was dus ook genoeg geld voor nog jaren een nachtverpleegster. En als het spaargeld al niet voldoende was geweest, had ze zelfs haar volkomen lastenvrije bungalow kunnen verhypothekeren.”

Hij zucht: „Maar haar boekhouder heeft haar daar blijkbaar niet op gewezen. Sterker, toen ze in het ziekenhuis lag, vroeg hij een ontslagvergunning aan voor de twee gezelschapsdames zodat hij kon zeggen dat er in Stramproy echt geen opvang was. Wat ik mezelf verwijt is dat ik steeds heb geloofd wat hij zei. Hij beweerde dat er echt geen geld was om haar thuis te verzorgen.”

Rusthuis

Neef Willem heeft in het ziekenhuis vlak voor zijn tante naar het rusthuis zou worden gebracht zelfs aan haar bed staan snikken. „Hij wilde haar mee naar huis nemen en haar daar verzorgen. Maar was bang voor de consequenties.”

Huishoudster Ida is nu 59 jaar en woont net over de grens van België is. Ze praat met tranen in haar stem aan de telefoon en benadrukt dat ze het allemaal niet heeft geweten en van goede wil is. „Ik ben twintig jaar lang haar dienstbode geweest en een trouwe. Mary had uiteindelijk een alarm om haar nek, en dan reed ik ’s nachts naar haar toe als ze gevallen was of zo. Ze was rusteloos, bleef lang niet altijd in bed. Soms deed ze het alarm niet aan. Dan vond ik haar ’s ochtends op de grond, helemaal verkleumd. In het tehuis in Horn waar ze de laatste anderhalf jaar van haar leven was opgenomen, is ze echt liefdevol verzorgd. Het deed mij ook pijn dat ze steeds vroeg om naar haar bungalow in Stramproy te worden gebracht. Maar dat kon echt niet.”

Het had toch kunnen worden geregeld met nachtverpleging?

„Daar kan ik niks over zeggen. Daar weet boekhouder Jos meer over.”

Waarom is zij eigenlijk de mentor van Mary geworden?

„Ik had gehoord dat niemand van de familie dat wilde. En ik kon haar toch niet in de steek laten. Ik kende haar zo goed, de zangeres had geen kinderen. Maar ik was als een dochter voor haar. De kantonrechter heeft toen mij als mentor en haar boekhouder Jos als bewindvoerder aangesteld. Jos ging over de financiën. Ik wil er verder niks over zeggen.”

Boekhouder Jos, die behalve bewindvoerder ook executeur-testamentair, procuratiehouder en boekhouder van Mary was, is niet bereikbaar voor commentaar.
[bron:Telegraaf]
 
©2006-2050 Stichting Radio Twenterand
videotaped-uncertain
claw-hungry